VMBO


VMBO (algemeen)

Het vmbo leidt in Nederland op voor drie soorten diploma's, namelijk theoretische leerweg, kaderberoepsgerichte leerweg en basisberoepsgerichte leerweg. Binnen deze drie leerwegen kan er gekozen worden uit de volgende sectoren:

Economie (EC)

Techniek (TK)

Zorg & Welzijn (Z&W)

Landbouw (LB)


De beroepsgerichte leerwegen

De leerlingen die naar de basisberoepsgerichte leerweg of kaderberoepsgerichte leerweg gaan, kiezen na de tweede klas een sector. In leerjaar 3 en 4 vmbo worden de kader- en de basisberoepsgerichte leerweg voor een aantal vakken in heterogene (op beide niveaus) klassen aangeboden. Als een leerling een bepaald vak op een hoger niveau kan volgen en afsluiten, kunnen de ouders hiervoor een verzoek indienen bij de afdelingsleider. Echter, het diploma wordt op het vak met het laagste niveau afgegeven. Wanneer er een of meerdere vakken op een hoger niveau worden afgesloten, wordt dit op de cijferlijst bij het diploma vermeld. In de basis- en kaderberoepsgerichte leerwegen ligt het accent vooral op de praktijkvakken. Met het diploma van deze leerweg zijn de leerlingen toelaatbaar tot niveau 2 van het middelbaar beroepsonderwijs (mbo). Het diploma van de kaderberoepsgerichte leerweg geeft toegang tot niveau 3 en 4 van het mbo.

Het VMBO op de SGL

Vanaf 2016-2017 zullen de vernieuwde profielen in het vmbo van start gaan. De ontwikkeling hiervan loopt tegelijk met het afronden van de huidige vmbo onderwijsprogramma's in sectoren. Op de SGL zijn dit:

Het intersectorale programma Dienstverlening en Commercie (D&C)

Het intersectorale programma Sport, Dienstverlening en Veiligheid (SDV)

Techniek Breed is een intrasectoraal programma bestaande uit: metaal-, installatie- en elektrotechniek

Dienstverlening en Commercie

Dit intersectorale programma verenigt onderdelen uit de sectoren Zorg&Welzijn en Economie. Doordat de leerlingen grondig kennismaken met de verschillende onderdelen van de twee sectoren, krijgen ze een vollediger beeld van vervolgopleidingen en worden ze ook beter voorbereid op het competentiegerichte karakter van het middelbaar beroepsonderwijs. (Competentiegericht: kennis, vaardigheden en houding die nodig zijn voor de beroepspraktijk). Meer informatie over intersectorale programma's kunt u vinden op de website www.platformvmbointersectoraal.nl

De leerlingen die dit programma kiezen, kunnen naast de verplichte (kern)vakken kiezen uit wiskunde of biologie.

Sport, Dienstverlening en Veiligheid

Dit intersectorale programma bevat onderdelen uit de sectoren Zorg&Welzijn en Economie, maar het belangrijkst is het beroepsgerichte programma Sport, Dienstverlening en Veiligheid. Leerlingen leren meer door te doen, zo werken ze aan betekenisvolle opdrachten (binnen en buiten de school) en staan er 6 lesuren sport op het rooster. De leerlingen werken met een vast vakkenpakket, waarin naast de kernvakken ook biologie en economie op het rooster staan.

Alle leerlingen hebben een digitaal portfolio waarin zij hun leer- en ontwikkellijnen onder begeleiding van een docent bijhouden. Bij SDV hebben de leerlingen naast de mentor ook een co-mentor (coach) die hen begeleidt. Zo worden groeigesprekken gevoerd waarin de coach en de leerling de aantoonbare vorderingen bespreken. De uitkomst van deze groeigesprekken heeft een sterke invloed op alle rapportcijfers.

Techniek Breed

In deze opleiding zijn de vakken metaaltechniek, installatietechniek en elektrotechniek verenigd. Deze sector legt de nadruk vooral op de praktijk, zichtbaar aanwezig in de praktijklokalen. Daarnaast wordt onderwijs gegeven in een vast vakkenpakket, waarin ook natuurkunde en wiskunde zijn opgenomen.

In alle sectoren gaan de leerlingen op stage, afhankelijk van de sector in klas 3 en/of klas 4.


Theoretische leerweg

Leerlingen met een diploma van de theoretische leerweg zijn toelaatbaar tot niveau 3 en 4 van het mbo. Onder bepaalde voorwaarden kunnen zij doorstromen naar klas 4 van het havo. De afdelingsleider van het havo team besluit aan de hand van het advies van het docententeam
van het vmbo of een leerling toelaatbaar is tot 4 havo. Criteria die hiervoor gehanteerd worden zijn:

Een gemiddeld richtcijfer van 6.5 voor de CE vakken

Een goede aansluiting van sector naar profielkeuze

Voldoende resultaten op niet cognitieve elementen zoals studievaardigheden en studiehouding

De leerlingen in de theoretische leerweg maken d.m.v. een pakketkeuze aan het eind van de derde klas een sectorkeuze. Zij doen in de vierde klas in minimaal zes vakken centraal schriftelijk eindexamen. In de theoretische leerweg worden alle vakken op hetzelfde niveau afgesloten.


Overgangsregelingen

De overgangsregelingen voor alle leerjaren kunt u >>> HIER downloaden.



Copyright SGL